05-05-10

Ben jij rap gedegouteerd?

Volgens dit kwisje ben ik dat niet. Toen ik mijn resultaat op facebook plaatste, was de reactie van een van mijn vrienden: toont aan hoe Amerikaans die Blogthingssite is. Daar zijn mijn hersenen aan blijven hangen. Ik vroeg me af: is mijn resultaat het gevolg van de - zonder twijfel - sterk Amerikaanse tendens van de site, of ligt het aan mezelf.

De waarheid zal wel ergens in het middel liggen, maar ik denk dat ik toch mag zeggen dat ik niet rap gedegouteerd ben. Voor een deel wijt ik dat aan het feit dat ik ben opgevoed door mijn grootouders, de generatie van zo'n 40 jaar ouder dan ikzelf dus. Neem het van mij aan, die mensen kwamen echt wel uit een ander tijdperk waarin de geplogenheden heel anders waren dan nu.

Bij ons thuis waren zo een aantal dingen heel normaal die een weldenkende mens anno 2010 wellicht nogal onappetijtelijk zal vinden. Zo werd er maar 1 keer per week een bad - en tot ik zo'n 11 of 12 was, was dat in een gietijzeren kuip, bij gebrek aan bad - genomen, want je vaker dan dat wassen was water- en dus ook geldverspilling. Water kost geld, zei Oma altijd. Noodgedwongen sta ik nu terug op dat regime en geloof me, ik mis een dagelijkse douche heel erg. Je wordt grotere hygiëne snel gewoon.

Aan de gootsteen - waar naast de afwas en het voorbereiden van maaltijden ook het dagelijks toilet voltrokken werd, bij gebrek aan lavabo -  lag voor heel het gezin maar één handdoek en één washandje. Die moesten weliswaar gewoonlijk vervangen worden nadat Opa aan de beurt was geweest want een vrachtwagenchauffeur durft al wel eens lelijk onder het smeer te zitten. Ajakkes, hoor ik jullie denken. Nee, dat was gewoon zo. Trouwens, veel wassen betekende ook weer waterverspilling.

Een van de vraagjes uit het kwisje gaat over uit hetzelfde glas drinken als een famililid. Wel, wie zich bij ons thuis daarover durfde te beklagen, werd prompt gesommeerd om te antwoorden op de vraag: heb ik schurft misschien? Ik moet toegeven, ik heb me vele jarenlang afgevraagd wat schurft eigenlijk was. Blijkbaar was er effectief niemand in onze familie die het had. Nu niet dat het de gewoonte was om uit een zelfde glas te drinken, maar als het voorkwam, werd je geacht dit niet vies te vinden.

Waar we bij ons ook allemaal mee zijn opgegroeid, was de occasionele aanwezigheid van dierenhaar in het eten op je bord. Tja, ik kom uit een nest van dierenliefhebbers en waar dieren zijn, zijn af en toe ook haren waar ze eigenlijk niet thuishoren. Geen reden voor grote weerzin, enfin, toch niet bij ons thuis. Je viste het gewoon van tussen je tanden, maakte er wel melding van, maar daarmee was de kous af.

Het bovenstaande had waarschijnlijk iets te maken met Oma's gebrek aan geduld. Precisie en zorgvuldigheid w&aren niet haar sterkste kant. Alles moest rap gaan. Zo ook de afwas en dat bracht met zich mee dat glazen soms iets te oppervlakkig drooggewreven werden. Spoelen gebeurde absoluut niet (waterverspilling, weet je nog) en dus kwam het regelmatig voor dat een drankje plots een eigenaardige zeepssopmaak had. Niet leuk, maar wa&ren we daar echt compleet door gedegoutteerd? Welnee, dat was gewoon een van de dingen des levens. De meticuleuze manier waarop ik zelf afwas en afdroog, leverde me van Oma wel eens ongeduldige blikken op. Al moest ze toegeven dat je bij mij dan ook nooit cola met zeepsopsmaak kon tegenkomen.

Eigenlijk, als ik er zo over nadenk: mijn latere berkenstuifmeelallergie, dat was misschien zo ongeveer het enige waartegen ik nog enige allergie kon ontwikkelen. Mijn panische angst voor bossen als kind, maakte immers dat ik op uitstap vaak vroeg of ik in de auto mocht blijven zitten lezen, in plaats van mee het bos in te moeten. Vaak mocht ik dat ook. We waren toen toch echt nog heel erg ver van het Dutrouxtijdperk...

Maar het zal ook wel wat aan persoonlijkheid liggen. Er was een tijd dat bepaalde dingen wel een zeer grote weerzin bij mij opriepen. Maar eens ik daar noodgedwongen zeer regelmatig mee geconfronteerd werd, wende ik er wel snel aan. Met name spuitje dan. ooit had ik het daar zo moeilijk mee dat ik zelf niet kon kijken naar tv-beelden van druggebruikers die zichzelf injecteren. maar toen kwam het duizendmaal vervloekte jaar 2000. Sindsdien zijn er zoveel naalden van diverse dikte in alle mogelijke delen van mijn lichaam gestoken, zodat ik nu anno 2010 zonder enige spoor van angst kan toekijken hoe een naald in mijn eigen arm verdwijnt en mocht het nodig zijn, dan zou ik gerust mezelf injecties kunnen toedienen.

Het is ook in dat kader dat me is opgevallen dat ik blijkbaar toch wat minder snel geschokt ben dan, veel van mijn medemensen. Ik herinner me nog dat ik bij sommige vrienden moest oppassen hoe gedetailleerd ik verslag uitbracht van een medisch onderzoek in de beginperiode van mijn ziekte. "Stop, ik wil het niet weten", zeiden die dan.

Wat ook helpt bij het wegnemen van weerzin, is als je hebt moeten bijstaan bij allerlei dingen die je als kind niet echt gewoon bent om bij je ouders te moeten doen: braaksel opruimen, voeten verzorgen, helpen bij het intiem toilet. Het ligt anders naar (je) kinderen toe, vind ik. Maar eens je ouders ouder worden, zijn dat taken waar je jezelf voor gesteld kan zien. Dat voelt raar aan, maar het went.

Nochtans was ik al wel wat gewoon: ik was bij ons thuis degene die instond voor het verwijderen van splinters, cactusstekels en ook het uitknijpen van puisten en zweren. Ik heb fijne vingers en dat leent zich daar beter toe dan het forse gebeente dat in mijn familie de overhand heeft. Plus dat ik er ook op zich geen onoverkomelijke bezwaren tegen had (heb trouwens ooit gelezen dat heel veel vrouwen het - net als ik - eigenlijk best leuk vinden om puistjes uit te knijpen ;-) Al moet ik toegeven dat de zweren waar mijn met smeer overdekte Opa soms mee kwam aanzetten niet direct mijn leukste kinderherinneringen zijn.

Nee, ik denk toch dat ik met recht en rede mag zeggen dat ik niet rap uit mijn lood geslagen ben. Pas op, er zijn nog wel dingen waar ik het wat moeilijk mee heb, hoor. Zo kijk ik nog altijd niet graag toe hoe iemand lenzen in of uit doet. Maar als ik zou moeten samenwonen met een lensdrager, dan weet ik zeker dat ik daar heel snel aan zou wennen.

En hoe zit dat bij jullie, beste lezers: zijn jullie snel gedegoutteerd?

12:30 Gepost door Schaduw Zijde in Mijn gedacht | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

Commentaren

hahah ja ik ken dat, hahahaha! op afgelopen skivakantie hielp ik een vriendin die aan het overgeven was, ik stond naast haar terwijl zij kotste in de lavabo en ondertss op de Wc zat. Ik duwde haar kots door de afloop, hahahahahaha! nee, dat stoort me niet, ik heb een jaartje als student-verpleegkundige stages gedaan en toen andere dingen moeten doen, ik ben er wel een beetje aan gewend aan dat soort zaken :D:D
Ik ga NIET van het glas drinken van iemand die ik niet ken of van iemand die niet tot mijn gezin behoort, 'k heb geen zin om herpes op te lopen ;-) maar bloed, kots, pipi en kaka, daar ben ik echt niet vies van, neen...

Gepost door: Blah | 05-05-10

Reageren op dit commentaar

De commentaren zijn gesloten.